Weblogs

Dat moet anders kunnen. Beter

Begin jaren 90 ging ik voor het eerst op bezoek bij iemand die in de gevangenis zat. Ik had me goed voorbereid, maar toen ik na een reis van twee-en-een-half uur bij de receptie meldde, mij half moest ontkleden, alsnog drie keer onder een streng poortje door moest lopen, bij iedere piep verdachter werd, en ten slotte tegenover de man zat om naar zijn verhaal te luisteren, besefte ik dat je je op zoiets niet kunt voorbereiden.
Omdat het, eh… ja bizar is.

Dit moet toch anders kunnen?

Laten we wel wezen, hele gevaarlijke types daargelaten, is het nogal raar om mensen op te sluiten.
Vind ik.
Hoe dan ook, toen ik weer buiten kwam, ben ik eerst een kwartier in de regen gaan staan. Om iets van me af te spoelen.
Schuldgevoel, waarschijnlijk.
Daarna ben ik nog vaak terug geweest. Bij andere mensen, in andere gevangenissen. En altijd gebeurde het hetzelfde (nou ja, het regende niet altijd), als ik buitenkwam was ik verslagen. Hoe hebben we met z’n allen zoiets kunnen verzinnen? vroeg ik me dan af. En: dit moet toch anders kunnen?
Beter.

Ik was niet genoeg

Het werd niet beter. Het spijt me te moeten zeggen dat ik heel lang bij de reclassering heb gewerkt zonder dat er iets veranderde. Of laat ik voor mezelf spreken, zonder dat ík iets veranderde. Ik typte notities over van alles (echt over van alles!), maar alles bleef hetzelfde.
De reclassering bleef hetzelfde,
De gevangenis bleef hetzelfde.
Straffen bleef hetzelfde.
Voor de mensen die zaten dan. Voor mij niet. Mijn schuldgevoel verdween en soms vergat ik zelfs waarom ik dit werk was gaan doen.
Eh… dat is niet helemaal waar. Ik heb heus wel geprobeerd om dingen te veranderen. Ik heb voorstellen gedaan, ideeën geopperd, en controversiële dingen geschreven. Buiten de lijntjes gekleurd, zoals dat tegenwoordig heel hip heet (ik vermijd hier ‘out of the box gedacht’). Ik heb wakker gelegen omdat er niks van terechtkwam. Meegestribbeld met slechte plannen. Gewacht  op andere tijden. En, vooruit, uiteindelijk heb ik misschien wel bijgedragen aan een paar verbeteringen. Hier en daar.
Maar dat was niet genoeg. Ik bedoel, ík was niet genoeg. Het duurde even voordat ik dat doorhad... dat ik het niet alleen kon doen, maar ook dat ik het niet alleen móést doen. Het ging niet om mij, niet om de reclassering, niet om de gevangenis, maar om alles. En om iedereen. Het ging om de maatschappij.
Welja.

Maatschappelijk doel

Groots en meeslepend.
Nee, juist heel simpel. Eenvoudiger kan het eigenlijk niet. Straffen moeten een maatschappelijk doel dienen. En dus zijn straffen van ons allemaal. In willekeurige volgorde: van u, van slachtoffers, en ja, van daders. Echt, dat hoef ik u niet te vertellen, er is geen ontkomen aan, daders horen erbij. Ze hebben een leven en als ze een straf krijgen, gaat dat leven gewoon door. Of nou ja, het zou gewoon door moeten gaan. Want als zij gewoon door kunnen gaan met hun leven is dat goed. Voor u en mij, voor slachtoffers, voor hen. 
Een straf moet natuurlijk niet onmerkbaar voorbijgaan. Iemand die een straf krijgt moet wel beseffen dat hij iets fout heeft gedaan. En hij moet ermee stoppen. Herstellen wat hij kapot heeft gemaakt.
Ook heel simpel: zijn leven beteren.
Maar dat kan hij niet alleen. Daar heeft hij anderen voor nodig. In willekeurige volgorde: u, zijn slachtoffer, de maatschappij.
Die maatschappij is om de hoek, of een straat verderop, maar dichterbij dan u denkt. Dat is ook goed. Want ook het leven van iemand die straf heeft is daar ook. Bij u in de buurt.
Nee, dat is níét eng. De professionals, waaronder sommigen van u, die hem helpen om zijn leven weer op orde te houden, weten wat ze doen. Ze zorgen ervoor dat niemand gevaar loopt. Daar kan iedereen, nee daar moet iedereen op vertrouwen. Anders kunnen ze hun werk niet doen en bereiken ze hun doel niet.
Dat is dus een maatschappelijk doel: een veilige samenleving. 
Een maand geleden ging ik weer eens een inrichting in. Niet op bezoek, maar voor een vergadering.
Weer de helft van mijn kleren uit, drie keer onder een streng poortje door, bij iedere piep weer verdachter, om ten slotte na zes deuren aan tafel te schuiven bij een bont gezelschap van mensen die  allemaal dachten: dit moet anders kunnen.
Beter.
En toen ik twee uur later weer buiten stond, scheen de zon.
Echt waar.

Reactie toevoegen

U kunt hier een reactie plaatsen. Ongepaste reacties worden niet geplaatst. Uw reactie mag maximaal 2000 karakters tellen.

Uw reactie mag maximaal 2000 karakters lang zijn.

Reacties

Er zijn nu geen reacties gepubliceerd.