INTERVIEW INGE VAN DEN BOSCH: ‘Je moet out-of-the-box durven denken.’ Proefzitten in het Huis van Herstel in Almelo

Het Huis van Herstel, een experimentele, beperkt beveiligde gevangenisvorm in Almelo, is vanaf begin november aanstaande klaar om kwetsbare gevangenen in de laatste fase van hun detentie op te vangen. Het zijn mannen met problemen op meerdere leefgebieden zoals verslavingen, psychische problemen, schulden en/of een licht verstandelijke beperking. Het Koers en kansen-experiment is een gezamenlijk initiatief van de Almelose gevangenis en de drie reclasseringsorganisaties (3RO).
Nu al mocht een gevarieerd gezelschap van geïnteresseerden er een etmaal proefzitten. Inge van den Bosch, beleidsambtenaar van het ministerie van Justitie en Veiligheid, was een van hen. Koers en kansen stelde haar vijf vragen.

Waarom zei je ‘ja’ tegen het proefzitten?

‘Bij het ministerie werk ik op het dossier Re-integratie van ex-gedetineerden. Al vaker bracht ik werkbezoeken aan gevangenissen. Dat is altijd erg leerzaam. Maar ik had nog nooit een overnachting meegemaakt. Ik wilde graag ervaren hoe dat was.’

Is je verwachting uitgekomen?

‘Ik verwachtte niet dat er zo’n huiselijke en veilige sfeer zou zijn. En ik dacht dat ’s avonds de deur van mijn kamer op slot zou gaan. Alleen de voordeur van het huis zelf ging op slot. Dat viel dus mee. Ik vond het trouwens al heftig genoeg dat je de sleutel van je kamer moet inleveren zodra je activiteiten buiten hebt. En buitenshuis loopt er altijd voor en achter je een begeleider mee. Dat op zich al voelt als een flink verlies van autonomie.’

Kamer in Huis van Herstel
Een van de kamers in het Huis van Herstel

De vrijheden die gedetineerden in het Huis van Herstel hebben zijn ruim in vergelijking met die in een gevangenis. Blijft er in het Huis van Herstel nog wel wat van de straf over?

‘Het gaat in het Huis van Herstel om kwetsbare gedetineerden die aan het einde van hun detentie zitten. Als je deze mensen opsluit en niks doet, help je hen niet om die moeilijke overstap te maken naar de samenleving. Juist deze groep heeft daar extra begeleiding bij nodig. Anders zie je ze zo weer recidiveren, met alle gevolgen van dien. En een hersteltraject vraagt echt wat van een gedetineerde. Je kunt niet achteroverleunen en denken: het zal wel. Je moet echt gemotiveerd zijn. Willen werken aan jezelf, aan je gedrag en denkpatronen. Daar horen ook confrontaties bij met het eigen netwerk, met het slachtoffer, de maatschappij. Zo makkelijk is dat niet. En maak je misbruik van de situatie, dan ga je terug naar de PI en verlies je het recht op voorwaardelijke invrijheidsstelling.’

'Een hersteltraject vraagt echt wat van een gedetineerde'

Wat is het belangrijkste dat je anderen wil vertellen over het Huis van Herstel?

‘Het Huis van Herstel is niet een BBA als alle andere. Er zitten niet de gedetineerden met de beste papieren, maar een doelgroep met echt een flinke afstand tot de samenleving. Mensen die intensieve begeleiding nodig hebben om het in de maatschappij te redden. In het Huis van Herstel wordt gewerkt vanuit de hulpvraag van deze mensen, maar met het oog op een veilige terugkeer in de maatschappij: dubbele winst. Na detentie loopt de begeleiding trouwens door. Op het vaste aanspreekpunt dat ze als gedetineerde hebben, kunnen ze aanspraak blijven maken.’

Wat neem je uit deze ervaring mee naar je werk?

‘Dat je out-of-the-box moet durven denken. Dat je bijvoorbeeld het doelgroepenbeleid van een BBA moet durven loslaten voor experimenten als dit. We moeten ons niet alleen focussen op de meest kansrijke gedetineerden, de crème de la crème. We moeten ons ook richten op moeilijkere doelgroepen, zoals in dit experiment. Want ook die mensen moeten veilig een plek krijgen in onze samenleving.’
 

Meer weten over het Huis van Herstel?

Lees de projectbeschrijving van het Huis van Herstel >