INTERVIEW Myriam Kooij: ‘De monitor van de Persoonsgerichte aanpak laat zien wat alle inspanning oplevert én we zetten hem in om beter te worden’

Veel gemeenten hebben inwoners die steeds weer zorgen voor overlast en criminaliteit. Inwoners die niet één probleem hebben maar vele, bijvoorbeeld psychische problemen, verslaving, een verstandelijke beperking, dakloosheid, persoonlijke verwaarlozing.
Om met deze moeilijke en tegelijk kwetsbare groep mensen zo goed mogelijk om te gaan, werken inmiddels veel gemeenten volgens de zogenoemde lokale Persoonsgerichte aanpak (PGA).
Koers en kansen sprak Myriam Kooij, programmamanager bij Bureau Regionale Veiligheidsstrategie Midden-Nederland. Ze coördineert de Koers en kansen-pilot ‘De ontwikkeling van de PGA-monitor
’.

Wat is de lokale PGA in één zin?

Myriam Kooij: ‘Het is een manier om samen met alle relevante partijen uit het veiligheids-, zorg- en sociaal domein, en bij voorkeur óók samen met de overlastgevende inwoner, een plan te maken met daarin interventies die gericht zijn op het oplossen van zijn problemen, in de context van zijn gezin of sociale netwerk.’

Hoe effectief is de PGA?

Myriam Kooij: ‘In de 39 gemeenten van de regio Midden-Nederland zijn we in 2016 al begonnen met allemaal dezelfde PGA-methodiek. Het aantal PGA-inwoners verschilt sterk per gemeente. De ene gemeente heeft er 200, de andere 2. De ervaring met de PGA loopt daarom sterk uiteen. Maar dat de PGA een goede aanpak is, daar is eigenlijk iedereen het wel over eens. Toch komen gemeenten zelden met een succesverhaal dat alle ellende bij iemand passé is. Meestal gaat het in kleine stapjes de goede kant op. Of is er ondanks alle inspanning een terugval. Het worden geen Brinta-gezinnen. Dat is de realiteit.’

Myriam Kooij PGA-expert


Zo’n grote investering van zoveel professionals: is de PGA-monitor bedoeld als verantwoordingsinstrument?

‘De PGA is inderdaad arbeidsintensief,’ zegt Kooij. ‘Integraal samenwerken en afstemmen kost nu eenmaal tijd. Maar nee, de monitor is niet primair bedoeld als verantwoording. De vraag naar een monitor kwam van de uitvoerende professionals. Zij hadden behoefte aan een meetinstrument waardoor ze zicht krijgen op de resultaten van al hun inspanningen. Om ervan te leren en de PGA steeds effectiever te maken.
‘Intussen ligt er een uitgeteste monitor waarmee de ontwikkeling van iedere PGA-cliënt op twaalf leefgebieden bijgehouden kan worden. Ons advies is om dat regelmatig te doen, in elk geval ieder half jaar, en op basis van de resultaten de PGA bij te sturen. In de rapportage kun je de gegevens van alle PGA-cliënten ook samenvoegen. Dat is dan weer interessant voor bestuurders.

‘Op termijn willen we gemeenten ook met elkaar gaan vergelijken. Stel dat de ene gemeente goed is in het zorgen voor huisvesting, terwijl een andere gemeente schulden effectief weet aan te pakken. Door onderling kennis en ervaring uit te wisselen, kunnen ze van elkaar leren. Maar voorlopig richten we ons alleen op leren binnen een en dezelfde gemeente.’

19 Gemeenten, 364 PGA-cliënten, betrokken bij bijna 15 000 misdrijven: bestuurders weten vaak niet hoe heftig de praktijk is.

Scoren op twaalf leefgebieden klinkt als veel?

Myriam Kooij: ‘In de werkgroep die de inhoud van de monitor heeft bepaald was niet zozeer discussie over het aantal leefgebieden, maar veel meer over de scoreschaal. Moest het alleen een duimpje omhoog of een duimpje naar beneden zijn? Of een schaal met meer dan twee antwoordmogelijkheden. Hoe gedetailleerder de schaal, hoe specifieker je de ontwikkeling van een PGA-cliënt in kaart brengt en hoe gerichter je de aanpak kunt bijsturen. Maar het nadeel is dat het scoren meer tijd kost. Ook moet je je van tevoren verdiepen in de betekenis van iedere score. Toch heeft de werkgroep gekozen voor een vijfpuntschaal. Door die fijnmazigheid breng je ook de kleine stapjes in de ontwikkeling van een cliënt in kaart. Kleine stapjes, die bij deze groep steevast het resultaat zijn van een grote inspanning. Van de cliënt zelf en ook van professionals. Dat is niet alleen motiverend voor de cliënt en de betrokken professionals, het geeft ook bestuurders beter zicht op de complexiteit van de problematiek.
‘En over de 12 leefgebieden: die vormen een belangrijke checklist. Heb je bij het analyseren van de situatie van een PGA-cliënt niets relevants over het hoofd gezien? De leefgebieden zijn voor de hand liggende, zoals financiën, werk en opleiding, huisvesting. Maar ook bijvoorbeeld lichamelijke gezondheid. Dat terrein wordt vaak vergeten, ook al kan het de oorzaak zijn van andere problemen. Wat niet relevant is, registeren we natuurlijk niet.
‘Een apart onderdeel van de pilot,’ vertelt Kooij, ‘is een meting van de strafrechtelijke recidive van de PGA’ers. Wat we uit de eerste recidivemeting weten is dat 19 gemeenten 364 PGA-cliënten hebben die, in een periode van 5 jaar, bij bijna 15 000 misdrijven betrokken waren. De meeste bestuurders die dit horen, schrikken enorm. Ze weten vaak niet hoe heftig de praktijk is. Daarom willen we de monitor ook larderen met verhalen uit de praktijk. Laten zien met welke ingewikkelde, meervoudige problemen gezinnen kampen. De wereld is niet 100 procent maakbaar.’

We hebben het in dit gesprek steeds over een persoonsgerichte aanpak, alsof het nooit zaaksgericht is geweest. Is de noodzaak van het persoonsgerichte bij alle partners gemeengoed geworden?

‘Er is veel veranderd,’ zegt Myriam Kooij. ‘Programma’s als Straf met zorg van het OM hebben een positief effect. Ik merk dat veel professionals bij justitie echt niet meer zaaksgericht kijken, maar systeemgericht. Dat gaat een stap verder dan persoonsgericht. Het is ook wat we met de PGA-methodiek beogen. Je kijkt naar de persoon in zijn sociale omgeving. Het gezin of de groep waar iemand deel van uitmaakt is van enorme invloed. Je moet dus ook kijken naar wat daar nodig is. Justitie doet het op dit vlak zo verkeerd nog niet.’ Kooij denkt even na. ‘Vergelijk het met de zorg. Toegegeven, in de zorg is de stap van de ziekte naar de patiënt al veel eerder gezet. Maar het betrekken van het systeem van een patiënt is daar nog niet vanzelfsprekend. De patiënt wordt meestal een op een gezien in de behandelkamer. De sociale omgeving kan dan al snel vergeten worden.’

Bij de PGA-overleggen zit de cliënt er bij voorkeur bij. Hoe is dat?

‘’I’m one of the team’, zei een PGA-cliënt eens tegen een rechter die vroeg wat hij van het gemaakte plan vond. Dat commitment is precies wat je moet hebben. Iedereen ervaart dat ook zo. Een plan van aanpak werkt zoveel beter als de cliënt merkt dat naar hem wordt geluisterd. Voor de meeste professionals is het wel even wennen om te overleggen naast een inwoner en niet over hem, om dan open en eerlijk te blijven en niets te verhullen. Nu schuift een op de vier PGA’ers aan bij het casusoverleg. Bijna 70% heeft een aandeel in het plan. Wij streven naar een groter aantal in de toekomst. Het heeft met vertrouwen in de overheid te maken. Dat moet groeien.’

Waar is het werkveld volgens jou het meest bij geholpen?

Myriam Kooij hoeft niet na te denken. ‘Meer tijd en capaciteit. Nu moeten er harde keuzes worden gemaakt. Investeren in ondermijnende criminaliteit betekent niet investeren in stelselmatige overlastgevers. En er moet meer aandacht zijn voor verkokering van werkvelden’, voegt ze in een adem toe. ‘En dan bedoel ik niet tussen domeinen. Daar ben ik wel tevreden over. Maar binnen de gemeenten: Wmo, jeugd, Werk & Inkomen, veiligheid. Als je je collega’s niet kent: zoek ze op. Overleg! Denk niet vanuit je eigen werkveld, maar vanuit een cliënt. Wat heeft die nodig. Hoe kunnen we het wél regelen, de regels maken meer mogelijk dan professionals weleens denken. Maatwerk, daar zijn PGA-cliënten bij gebaat. En besef dat al die organisaties en professionals het er niet gemakkelijker op maken, zeker niet voor iemand met zoveel problemen aan zijn hoofd. De overheid is dan niet te snappen.’

De PGA-monitor gebruiken?

Luister allereerst naar de inleidende vlog.

Om de PGA-monitor goed te kunnen gebruiken, is een training vereist.
Door de coronacrisis zijn deze bijeenkomsten nu niet mogelijk.
Om een alternatief te kunnen bieden, is een webinar beschikbaar.
Dit webinar (25 mei 2020) is te bekijken via de website van de Veiligheidscoalitie Midden-Nederland.
Kijk bij Praktische tools voor gebruik van de PGA
N.B. gebruik daarbij niet de browser Internet Explorer.

Andere nuttige tools die daar te bekijken en te downloaden zijn en helpen om de PGA-monitor goed te kunnen gebruiken zijn:

  • een animatie ter introductie van de PGA-monitor en voor gemeenten die (nog) geen digitaal PGA-cliëntvolgsysteem gebruiken:
  • een blanco, interactief PGA-scoreformulier inclusief rapportage-tool;
  • een korte instructiefilm over het invullen van het interactieve PGA-score-formulier en de PGA-rapportage-tool;
  • een handleiding voor hoe het interactieve PGA-score-formulier en de PGA-rapportage-tool ingevuld moet worden;
  • een voorbeeld van een PGA-scoreformulier en de rapportagetool, ingevuld met fictieve cliëntgegevens ;
  • een sjabloon voor de (half)jaarlijkse PGA-rapportage.