Pilot omgevingsadvies

Het organiseren van de meest betekenisvolle interventie wanneer een jongere wordt verdacht van een strafbaar feit. Het uiteindelijke effect zou moeten zijn dat door betere interventies er minder recidive zal zijn.

Waar gaat het project over?
Als een jongere wordt verdacht van een strafbaar feit zal de Raad voor de Kinderbescherming ten behoeve van het strafadvies vaak een onderzoek doen. Op dit moment bestaat dit onderzoek vooral uit een inschatting van het recidive-risico en enige contextinformatie. In de pilot gaan we die contextinformatie verrijken en verlevendigen. ‘Verrijken’ door in de pilotgemeenten (Sittard-Geleen en Venlo) standaard informatie te vergaren vanuit het brede gemeentelijke sociale domein. ‘Verlevendigen’ door de betrokken ouders en de jongere actief te betrekken bij de weging van de informatie en het advies. Dit project is vernieuwend omdat we de strafrechtketen en de zorgketen waar gemeenten verantwoordelijk voor zijn aan elkaar koppelen.


Wat is de aanpak?
Het project draait binnen de kaders van het ZSM-proces. Aan de ZSM-jeugdtafel beslissen partners samen of een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming moet worden opgezet. Als de casus speelt binnen een van de pilotgemeenten, en de betrokkenen toestemming geven, verzamelt de contactpersoon bij de gemeente informatie vanuit het gemeentelijke sociale domein. Deze informatie wordt altijd actief besproken met  de ouders en jongere. Deze informatie wordt meegenomen in het omgevingsadvies, dat uiteindelijk weer terecht komt op de ZSM-jeugdtafel. In dit advies wordt ook de meest passend geachte interventie voorgesteld. Deze interventie is niet per se een strafrechtelijke interventie.


Met welk resultaat ben je tevreden?
Als duidelijk wordt of de koppeling tussen straf en zorg  inderdaad leidt tot betere interventies, tevredenheid bij de ketenpartners, en meer tevredenheid bij de betrokkenen en slachtoffers.

Meer informatie?

Peter Meuldenberg
peter@in-motion-interim.nl